Topsport

In de topsport kunnen jonge mensen relatief snel in een wereld belanden waarin alles kan, de moderne wereld dus. Ze zijn een talent dat aanbeden wordt, hebben alle tijd en de financiële middelen om te doen wat ze willen. Wat ze willen is echter nog lang niet altijd duidelijk en zo kan de jongeling in een door geld gefacilliteerde stroomversnelling raken. Alles kan fout gaan. Gokken, drank en drugs of andere bijzonder gedrag lokt. De begeleiding van deze jongelingen laat nog wel eens te wensen over zo blijkt uit een artikel van Willem Vissers (Volkskrant, 30 januari 2010). En dat terwijl juist deze jongelingen worden geconfronteerd met de gevaren van de moderniteit: alles kan en niets is zeker, alles kan en niets is goed of fout. Ja, dingen hebben gevolgen, maar goed of fout bestaat niet meer.  

Dergelijke topsporters zouden een coach moeten hebben voor zingeving. Een bewuste visie op het leven zorgt voor stabiliteit en voorkomt excessen.